Geen boek meer?

Lastig om de juiste woorden te vinden voor deze blog. Afgelopen week heb ik me diep geschaamd en wilde mezelf het liefst verstoppen. Een jaar lang heb ik mezelf online kwetsbaar opgesteld. Verteld over hoe ik mijn tweede boek heb geschreven. Hoe lastig ik het vond. Hoe spannend. En hoe onzeker ik hierin was.

Laat ik maar zeggen / schrijven zoals het is.

De uitgever waar ik mijn boek voor schrijf heeft vorige week woensdag per direct het contract ontbonden. Ik ben ontslagen zogezegd. Na 14 maanden werk. Bloed, zweet en heel veel tranen. Zonder enig voorteken aan de wand, een wederkerig gesprek en waarschuwingen is de stekker eruit getrokken. Het voelt alsof het nog steeds niet is gebeurd. Maar toch wel.

Ik ging het gesprek in met heel veel onzekerheid en spanning. Want hoe zou de rest van mijn jaar eruit komen te zien? Ik vond het zo spannend. Hoeveel werk zou er nog zijn om het af te maken? Ik stuurde mijn manuscript een paar weken geleden op naar mijn redacteur. En tegelijkertijd naar twee meelezers. Beide onafhankelijk en deskundige partijen op de inhoud. Zij waren unaniem erg enthousiast. Ze stelden me de dag van te voren gerust dat het prettig leesbaar was. En van ongelofelijke meerwaarde. Ik ging met een geruster hart slapen.

Woensdagochtend. Mijn redacteur vertelde me dat ze slecht nieuws voor me had. Vervolgens draaide ze er tien minuten omheen. Ondertussen was ik verbaal in mijn hele leven nog nooit zo sterk als in dit gesprek. Ik zocht eerst naar gemeenschappelijke grond om te kijken naar wat we aan konden passen. Hoe we het verder aan zouden gaan pakken. Maar al snel merkte ik dat er geen gesprek mogelijk was. Ik vroeg haar wat ze me nu eigenlijk vertelde.

‘Ik trek me terug, ik kan niet meer met je samenwerken.’ Ik vroeg nog wat dat betekende. In een paar minuten lagen alle kaarten op tafel. Ze had het al besproken met de uitgever, die mij nota bene zelf gebeld heeft en over de streep getrokken heeft om het boek te schrijven. Ik vroeg wat de uitgeverij ervan vond. Het zouden volgens haar teveel versies kosten om hier een goed boek van te maken.

‘Zij staan volledig achter mij.’ Ik vroeg nog wat dat dan betekende. ‘Dat wij als uitgeverij het contract ontbinden, het spijt me vreselijk.’ Mijn hersenen registreerden niet wat ze bedoelde. Wat ze eigenlijk vertelde.

Geen. Boek. Meer.

Veertien. Maanden. Werk.

Al die dagen. De zondagmiddagen, woensdagen, vaak ook de zaterdag. De strepen in mijn agenda. Iedere dag zat het in mijn gedachten.

Je zou eens moeten weten hoeveel werk ik hierin heb gestopt. De uren. Alle interviews. Het hele land door. De kosten. De onzekerheid die ik heb gevoeld. Hoe ver ik mijn comfortzone heb uitgerekt hiervoor. Iedere keer opnieuw voelde het niet goed. En ik durfde maar niets te zeggen.

Ik had nog nooit zo’n samenwerking gehad. Ik wilde niemand voor het hoofd stoten. En dus beukte ik door. Zette ik door. Met alles wat ik in me heb, heb ik dit boek geschreven.

En niemand gaat mij vertellen dat het slecht is.

‘Ik had verwacht dat de trein inmiddels vertrokken zou zijn, maar dat lees ik niet terug in je stuk.’

Alles wat ik hiervoor heb gedaan. Voor dit?

Al jaren ben ik onzeker over mijn schrijverschap. Laten we zeggen dat ik hierover geen liefdevolle aai over mijn bol heb ontvangen tijdens het gesprek. Maar goed. Dat heeft niet zoveel meerwaarde en dat vind ik ook niet zo netjes om daar op in te gaan.

Gelukkig heb ik vandaag mijn rechten terug gekregen en is mijn boek officieel weer in mijn eigen handen. En geloof maar niet dat ik nog op zoek ga naar een andere uitgeverij. Nooit wil ik meer in deze positie terecht komen. Ik vertrek vanaf nu alleen nog maar vanuit mijn eigen gevoel. Voelt het goed? Ja. Dan kunnen we verder kijken. En anders niet.

Ik ben nog nooit zo gekwetst geweest als nu. En toch, voel ik me sterk en positief. Ik kom hier goed uit. Dat geloof ik. Ik heb geen uitgeverij nodig. Ik was zo bang voor de feedback en zocht een jaar lang naar goedkeuring. En uiteindelijk is dit het resultaat. Prima. Niemand gaat mij vertellen wie ik ben. Ik ga voor niemand buigen. Ja, ik ben gekwetst. Maar ik kom hier wel uit. Eerst zorgen dat ik weer stevig op eigen benen sta. Herstellen. Terugveren en dan ga ik kijken wat ik met mijn boek ga doen.

Als ik een ding weet is het dat ik niet zo snel opgeef. Dat ik altijd weer terugveer na een tegenslag. En dat het ook nog wel eens in mijn voordeel kan werken. Tot nu toe heeft dat altijd zo gewerkt voor mij.

Het is een week geleden en nu de tranen gedroogd zijn, merk ik dat ik mijn eigen regie weer in handen ga krijgen. Ik mag zelf bepalen wat ik met mijn boek doe. De komende tijd ga ik het herschrijven zodat het weer volledig “Deborah” ademt. In plaats van iets wat ik dacht dat hoorde. Wat er van mij werd verwacht. Mijn moeder zei het nog zo mooi: “je hebt een jaar lang geprobeerd anderen tevreden te stellen en uiteindelijk is dat niet gelukt. Ik vraag me af of het ooit gelukt was.”

Twee lyrische reacties en een vernietigende. Natuurlijk was het belangrijk hoe de uitgeverij erover dacht. Dat blijkt maar weer in het resultaat nu. Maar uiteindelijk gaat het of ik erachter sta. Voel ik me er goed bij? Ga ik hier mijn naam op zetten? Daar ga ik naar streven en dan is het voor mij goed. Ook de mensen om me heen, ik ben zo ontzettend gesteund. Dat is niet te geloven. Daar ben ik ongelofelijk dankbaar voor.

Woensdag was voor mij de dag dat ik zou horen hoe de rest van mijn jaar eruit zou komen te zien. En weet je, dat is precies wat ik gekregen heb. Niemand gaat mij namelijk vanaf nu ooit nog vertellen hoe mijn jaar eruit gaat zien, behalve ikzelf en Mark. En dat is misschien nog wel mijn grootste les en geschenk.